Geschreven door Caroline Koper
Laatst kwamen we thuis na een heerlijk weekje in de Ardennen. Het gevoel dat me bij thuiskomst overvalt, is altijd dubbel. Enerzijds mis ik wat achter me ligt; anderzijds is het fijn om weer in onze vertrouwde omgeving te zijn.
Nu heeft die vertrouwde omgeving – ons (t)huis – ook haar mankementen. Er zijn dingen die aangepakt zouden moeten worden, maar door een lastige situatie geraken we geen stap verder. Dat maakt thuiskomen voor mij vaak extra moeilijk; opnieuw word je geconfronteerd met alles wat niet in orde is en met de grenzen waar we telkens tegenaan lopen.
Een pittig soepje
Zo voelde ik bij thuiskomst meteen die mentale last weer op mijn schouders rusten. Mijn blik ging naar beneden, gefocust op alles wat ontbrak. Het glas was halfleeg in plaats van halfvol. Ik glimlachte wel, maar de vrolijkheid voelde geforceerd. In mijn hart woedde een strijd tussen dankbaarheid en jaloezie, terwijl onrust en angst stilletjes wortel probeerden te schieten.
Toevallig was ik die dag ook jarig. Verjaardagen brengen voor mij altijd een bepaalde verwachting met zich mee: het moet een bijzondere dag zijn, want je bent tenslotte maar één keer per jaar jarig. Voeg daar het ‘zwarte gat’ na een vakantie en die storm van emoties aan toe, en je hebt alle ingrediënten voor een behoorlijk pittig soepje.
Een bijzonder moment
Gelukkig werd het uiteindelijk toch een fijne dag. Ik genoot van familie, vrienden, liefde, samenzijn, het mooie weer en de vele liefdevolle berichtjes met de warmste verjaardagswensen. Daar ben ik oprecht enorm dankbaar voor. En toch bleef die negativiteit wringen. Er hing een donker randje rond de dag dat ik niet zomaar van me af kon schudden.
De ochtend na mijn verjaardag stuurde een vriendin me een spraakbericht met een prachtig gebed. Het raakte me diep. Aan het begin van die nieuwe dag – en eigenlijk ook aan het begin van mijn nieuwe levensjaar – hielp het me om met heel mijn hart God te zoeken. Ik beleed Hem de strijd die in mijn hart woedde en vertrouwde alles aan Hem toe.
Het was een bijzonder moment.
Er kwam ruimte. Er kwam licht. Ik voelde mijn lichaam ontspannen en merkte dat mijn lach weer oprecht werd.
Een gevoel van veiligheid
Jezus trok me uit de put van zelfmedelijden en hielp me strijden tegen mijn slechte humeur, de onrust en de jaloezie. In mijn gedachten legde ik mijn hart letterlijk in Zijn handen. Dat beeld vervulde me met een intens gevoel van veiligheid. Hij richtte mijn blik omhoog, naar Hem. Ik zag Zijn glimlach, Zijn zorgende handen en Zijn goedheid. Hij herinnerde me eraan waar mijn echte rijkdom ligt: niet in een perfect huis of in een zorgeloze toekomst, maar in mijn identiteit als geliefd en gezegend kind van de Allerhoogste.
Echt thuiskomen
Ons huis was die ochtend nog precies hetzelfde. De gebreken waren niet verdwenen en onze situatie was niet veranderd. Maar ik was wel veranderd.
Ik leerde opnieuw dat vrede niet ontstaat wanneer alle omstandigheden eindelijk meezitten. Echte rust begint wanneer mijn blik niet langer gericht is op wat ontbreekt, maar op Degene die mij draagt.
Ik leerde wat echt thuiskomen is.

Geef een reactie