
Afgelopen jaar ging ik voor het eerst naar Opwekking. Met een beetje terughoudendheid, als ik eerlijk ben. Toch was er één preek die me diep raakte en waar ik vandaag nog vaak aan terugdenk.
De spreekster stond stil bij het moment waarop Jezus de tempel binnengaat en ontdekt dat Gods huis is veranderd in een rovershol. Zijn reactie is fel. Hij keert tafels om en laat zijn boosheid ongefilterd zien. Zelfs fysieke kracht schuwt Hij niet. Niet omdat Hij zijn zelfbeheersing verliest, maar omdat Hij ziet dat iets wat heilig is, wordt onteerd. Wanneer Gods hart geraakt wordt, durft Jezus in te grijpen. Het doet me denken aan het verhaal met Elisa, die bespot wordt door een groep kinderen. Ook daar zien we dat God onrecht niet zomaar onverschillig voorbij laat gaan.
Wat is er bij jou geroofd?
Vervolgens trok ze de lijn door naar onszelf. Ons lichaam is een tempel van de Heilige Geest. En toen kwam de vraag die me niet meer losliet: Wat is er bij jou geroofd?
Door het handelen van anderen. Door eigen keuzes. Door gebeurtenissen waar niemand vat op had. Door pijn, verlies of gebrokenheid.
Die vraag raakte me. Want als ik eerlijk ben, is er best veel geroofd in mijn leven. Op verschillende vlakken. Hoewel ik de afgelopen jaren veel groei heb mogen ervaren, zijn er ook wonden die blijven schuren. Dingen die ik niet zomaar kan terugnemen. Soms voel ik me daarin nog steeds machteloos.
Maar juist daar kreeg het beeld van Jezus in de tempel voor mij een nieuwe betekenis.
Jezus blijft niet onverschillig
Jezus blijft niet onbewogen staan bij wat geroofd is. Hij accepteert het niet alsof het er nu eenmaal bij hoort. Hij komt op voor wat onrechtmatig is afgenomen. Het raakt Hem. Hij is niet onverschillig tegenover onze pijn, maar laat zien dat onrecht Hem boos maakt.
Die gedachte doet me goed. Dat Jezus niet alleen mijn verdriet ziet, maar ook opkomt voor wat mij ontnomen werd. Dat Hij het niet bagatelliseert of wegwuift. Al verlang ik er soms naar om dat nog tastbaarder te ervaren, om het meer te kunnen vastpakken.
Tegelijk bracht deze preek me nog een ander inzicht.
Misschien mag ik zelf ook boos zijn om wat er geroofd is. Niet vanuit haat of een verlangen naar wraak, maar vanuit het besef dat onrecht ook echt onrecht is. Dat ik mag opkomen voor wat mij is aangedaan. Dat ik een standpunt mag innemen. Dat ik niet alles hoef goed te praten of voor de ander een ‘maar’ hoef in te vullen.
Mijn pijn mag er zijn. Mijn boosheid mag er ook zijn.
Niet om me te laten beheersen door bitterheid, maar omdat juist die boosheid laat zien dat er iets kostbaars verloren is gegaan. En misschien begint herstel wel op het moment dat we erkennen dat er inderdaad iets geroofd is en dat Jezus daar niet onverschillig onder blijft, maar naast ons komt staan.

Plaats een reactie