
Lessen uit Amos
De laatste tijd worstel ik me door de profeten tijdens mijn stille tijd. Geen lichte kost. Profeten confronteren, schuren en laten je stilstaan bij vragen die je misschien liever uit de weg gaat. Op dit moment lees ik het boek Amos, en hoe moeilijk het soms ook is, ik merk dat het me wakker schudt.
Wanneer welvaart blind maakt
Wat me opvalt, is dat het volk Israël in die tijd economisch gezien geen moeilijke periode kende. Integendeel, ze hadden stabiliteit, ze leefden in een zekere welvaart. Het leven leek ‘op orde’. En toch, of misschien juist daardoor, gleed het recht en gerechtigheid steeds verder weg uit hun samenleving. Ze verloren de ander uit het oog. De noden van de kwetsbaren in hun midden werden genegeerd. Hun hart raakte afgestompt voor het leed van hun broeders en zusters.
En God? Hij bleef hen waarschuwen. Niet alleen in het boek Amos, maar profeet na profeet lezen we hoe God het volk probeert wakker te schudden. “Keer terug. Zie om naar de ander. Zoek Mij.” Maar telkens weer kozen ze hun eigen pad. Hardnekkig. Zelfverzekerd. Gefocust op hun eigen leven, hun eigen behoeften, hun eigen strategieën.
Ik stelde mezelf de vraag: waarom deden ze dat? Waarom bleven ze hun eigen koers varen, zelfs toen de waarschuwingen steeds luider klonken?
Pijnlijk herkenbaar
En toen werd het pijnlijk herkenbaar. Want als ik eerlijk ben, doe ik vaak hetzelfde.
Ik betrap mezelf erop hoe snel ik in actie schiet, wanneer ik me onzeker voel. Wanneer ik bang ben, probeer ik mezelf te beschermen. Wanneer ik denk ergens recht op te hebben, wil ik het krijgen. Wanneer ik me alleen voel, ga ik op zoek naar gezelschap. Alles in mij wil vooruit, grijpt naar controle en zoekt houvast in het tastbare.
En ja, ik probeer Gods aangezicht te zoeken. Maar vaak pas nadat ik mijn eigen plannetjes al gesmeed heb.
Het volk Israël streed voor wat zij dachten dat hun nood was. Misschien uit angst om tekort te komen. Misschien omdat ze zelf vaak onrecht hadden meegemaakt. Misschien omdat ze moe waren van afhankelijk zijn. Ik begrijp ze. Meer dan ik zou willen.
Zoek Mij en leef
Maar wat ik ook zie in Amos is dat God niet op zoek is naar een perfect volk dat altijd de juiste keuzes maakt. Hij verlangt naar een volk dat zich laat roepen. Dat stopt met rennen en zich opnieuw keert naar Zijn hart. Hij zegt niet: “Zorg eerst dat je alles op orde hebt, en dan mag je bij Mij komen.” Nee, Hij roept: “Zoek Mij en leef.” (Amos 5:4)
Dat raakt me. Want het betekent dat er genade is, midden in mijn worsteling. Dat ik mag falen in het zoeken, en dat zoeken bij Hem écht leven met zich meebrengt. Is dit niet wat we verlangen? Waar onze behoeften écht liggen?
Misschien is dat wel de ommekeer: niet een perfect geregelde buitenkant, maar een hart dat zich durft om te draaien. Durft te luisteren naar de waarschuwingen van God. Dat stopt met vechten voor wat het denkt nodig te hebben, en zich overgeeft aan Degene die weet wat ik werkelijk nodig heb.
En dus leg ik mijn strategieën neer. En luister. Want daar begint leven: waar ik Hem weer durf te zoeken. Ik wil leren mijn noden niet meer zelf op te lossen, maar ze in Zijn handen te leggen. Eén keuze tegelijk. Eén gebed tegelijk.
En daar, in die overgave, begint het echte leven: stil, eenvoudig, en verrassend vol van Hem.

Plaats een reactie